Klasclowns.

Klasclowns.

klasclowns en hoe zowel peers als leerkrachten kijken naar de jongere.

Gepubliceerd op: 1 maart, 2018
Onderzoek doorLynn A Barnett – University of Illinois

Dit onderzoek kwam ik tegen op een blog. Ik vond het een interessant onderwerp, omdat het doorgaans iets is dat iedereen wel kent.
Het onderzoek bekeek het fenomeen van de klasclown eerder diepgaand. Het kijkt naar wat het is, de nadelen die er aan zijn verbonden en de redenen tot het ontstaan en zo voort.

Zo goed als elke student en of leerkracht komt volgens mij wel in contact met de gekende ‘klasclown’. Klasclowns zijn meestal studenten die door de leerkrachten als lastig worden ervaren. Ze verstoren het lesgebeuren doormiddel van humor in de vorm van moppen en bewegingen met als doel de medestudenten te vermaken. In vergelijking met studenten die niet als klasclown worden beschouwd hebben de klasclowns meestal de uitgesproken sterkte om humor te appreciëren en te genereren.

Volgens (Rubin et al., 2006) komen kinderen in klas context het meest in contact met hun peers. Hoe ze daar handelen heeft direct te maken met hun sociale competenties. In klas moeten ze namelijk hun gedrag kunnen reguleren. Daarbij komen hun interpersoonlijke vaardigheden, sociale status en sociale competenties aan bod. Kinderen die moeite ervaren bij deze bovenstaande constructen ervaren heel wat barrières bij het vormen van waardevolle vriendschappen. Maar niet alleen de kinderen spelen hierin een rol. Onderzoek van (Hughes et al., 2000) toonde aan dat niet alleen het kind, maar ook de leerkracht een invloed heeft op het relationele aspect van de jongeren. Dit doen de leerkrachten veelal onbewust door het geven van sociale cues naar de anderen in de klas. De leerkracht geeft dan de toon aan over hoe geliefd de leerling is. Doormiddel van social referencing passen zo ook de leerlingen hun gedrag tegenvoer die persoon aan. Dit werd nogmaals bekrachtigd door onderzoek van (Hughes et al. 2014)

Leerlingen die een positieve relatie hadden met de leerkracht werden door hun peers beoordeeld als veel aangenamer. Ook omgekeerd, de studenten die werden ervaren als conflictueus werden negatief beoordeeld. Het gaat zelf verder, studenten die zien dat andere een negatieve relatie hebben met de leerkracht zullen die leerlingen sneller sociaal uitsluiten. En dit komt dan terug naar de klasclown. Deze heeft een negatieve relatie met de leerkracht. Vaak krijgen die klasclowns dat label onterecht. Eenmaal dit ‘vast staat’ is het zeer moeilijk om van dit label af te geraken…
Het bestempelen van een leerling met klasclown is dus zeker niet zonder gevolgen.

 

 

Dit wijst nogmaals op de cruciale rol die de leerkracht heeft op het beïnvloeden van de interpersoonlijke relaties en het welzijn in de klas. Net zoals gezien in de lessen. Is er sprake van een self fulfilling prophecy. Leerkrachten hebben bij de start van het jaar al bepaalde vooropgestelde verwachtingen van bepaalde studenten. Ze passen dan vaak onbewust hun gedrag tegenover die studenten aan, wat ervoor zorgt dat die verwachting van de leerkracht ook effectief uitkomt. Dit gaat beide kanten op. Van positief gedrag naar negatief gedrag. Alsook dus de klasclown…

Studenten zijn zich al op jonge leeftijd terdege bewust van de academische en sociale verwachtingen van hun leraar en de gedifferentieerde behandeling die het gevolg is van de verschillende mate van naleving. Deze verwachtingen nemen zij mee, en nemen die uiteindelijk over als hun eigen verwachting. (Weinstein et al., 1987) Dit vind ik wel zeer interessant. Aan de ene kant omdat kinderen zich er al zo vroeg en uitdrukkelijk bewust van zijn van de sociale interacties en contracten die er worden gesloten in zo’n context. Maar ook over het feit dat ze die eigenlijk opgelegde normen al snel integreren als hun eigen normen. Ook op mijn stageplaats is dit iets wat ik heb kunnen merken. Veel van de jongeren verwachten uit hunzelf dat de anderen zich zo gedragen zoals ze eigenlijk moeten van de leerkrachten & opvoeders.

Onderzoek van (Yarrow et al 1971) vond dat kinderen met het label ‘klasclown’ meer negatieve kritiek van hun leerkrachten kregen ook al gedragen ze zich naar de norm. Verder onderzoek toonde aan dat studenten die leerkrachten zagen als agressief, impulsief, lui en onbeschaamd het vaakst uit de klas worden gezet en een sanctie krijgen. De meest gegeven reden was het feit dat leerkrachten inzaten met het feit dat de leerlingen zouden zorgen voor een zogenaamde ‘gedragsinfectie’ of ‘rimpeleffect’ op de andere studenten. Dit laatste begrijp ik wel in klascontext. Belangrijk is dan wel dat het effectief gaat om gedrag die niet kan getolereerd worden in de klas, en niet gewoon het negatieve vooroordeel die de leerkracht zou kunnen hebben over de student.

 

Het is zeer moeilijk om de zogenaamde klasclown te onderscheiden van de gewone meer speelzame kinderen in de klas. Dit zorgt ervoor dat het onderzoeken van het fenomeen moeilijk is. Er is reeds al zeer veel onderzoek gebeurt naar de verschillen tussen jongens & meisjes in de klas. Klasclowns zijn doorgaans veel vaker jongens. Bij de mate van speelzaamheid is er geen significant verschil. Wel zie je een duidelijk aspect dat bij vergelijking anders is. De omgang van leerkrachten met jongens/ meisjes. Het aantal kwaliteitsvolle interacties tussen student en leerkracht is bij jongens significant veel lager. Ook wordt het ondersteunen en omgaan met jongens gemiddeld als veel moeilijker gezien door de leerkrachten.

Al bij al vind ik niet dat classclowns moeten vermeden worden. Of dat leerkrachten hun gewoon hun gang moeten laten gaan. Maar toch moeten leerkrachten uitermate voorzichtig zijn met het toekennen van labels naar leerlingen toe. Het kan wel eens langdurige negatieve effecten hebben voor het kind. Dit zowel op sociaal vlak als academisch vlak.


Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *